Basis
Om te beginnen dit: als we op deze site over opties spreken, bedoelen we daarmee aandelenopties. Dat wil zeggen dat de onderliggende waarde van de optie aandelen zijn. Op de effectenbeurzen worden ook opties op andere effecten bedoeld, maar deze laten we op deze site dus buiten beschouwing.
Handelen in opties betekent dat u het recht koopt of verkoopt om in de toekomst aandelen te kopen of te verkopen. Een optie is dus niets anders dan het recht om aandelen in de toekomst de (ver)kopen. Het recht om aandelen te kopen noemt men call-opties, het recht om aandelen te verkopen put-opties.
Bij de aanschaf van opties wordt van te voren een prijs afgesproken waartegen u de onderliggende aandelen mag (ver)kopen, de uitoefenprijs, en tot welk tijdstip uw recht geldig is, de vervaldatum. Voor dit recht betaalt u een premie. Deze premie zal afhankelijk zijn van de uitoefenprijs en de looptijd, maar ook van de rente en de volatiliteit van het onderliggende aandeel.
De handel in opties verloopt via de effectenbeurs. De voorwaarden voor de handel in opties zijn gestandaardiseerd. Zo heeft één optie altijd betrekking op 100 aandelen en loopt de optie altijd af op de derde vrijdag van de maand.
Op internet en in de krant stuit u in verband met opties onvermijdelijk op bepaalde 'codes', de serie van een optie. Een voorbeeld van een serie is: 'ING C Dec 07 36.00'. Deze 'code' betekent: de (call) optie die u tot de derde vrijdag van december 2007 het recht geeft om 100 aandelen ING te kopen tegen € 36,00. De prijs die achter de serie staat, is bijvoorbeeld € 1,50. Aangezien deze prijs betrekking heeft op 100 aandelen betaalt u € 150 voor deze transactie.
Samenvattend: de uitoefenprijs van de call optie is € 36,00, de vervaldatum is de derde vrijdag van december 2007 en de premie bedraagt € 1,50.
Stel nu dat de onderliggende waarde - oftewel de koers van het aandeel ING - op het moment € 34,00 bedraagt. Dit betekent dat de koers tot eind december 2007 minimaal € 2,00 moet stijgen, wilt u de optie kunnen uitoefenen. Immers, als de koers op dat moment lager is dan € 36,00 heeft u niets aan het recht om tegen € 36,00 aandelen ING in te kopen. Uw uitoefenrecht vervalt dan automatisch. Maar een koers van hoger dan € 36,00 op de vervaldatum betekent niet automatisch dat u winst maakt. U heeft immers een premie betaalt voor de optie van € 1,50. U zult dan dus vanaf een koers van € 37,50 winst gaan maken.
Intrinsieke waarde
Een optie kan een intrinsieke waarde hebben. Voor call opties is er sprake van een intrinsieke waarde als de koers van het aandeel hoger is dan de uitoefenprijs, dus op het moment dat u uw recht op de optie op de vervaldatum kunt uitoefenen. Voor put opties is sprake van een intrinsieke waarde als de koers van het aandeel onder de uitoefenprijs ligt. In het bovenstaande voorbeeld is dus vanaf € 36,00 sprake van een intrinsieke waarde.
Om de verhouding tussen de intrinsieke waarde en de koers van de onderliggende waarde weer te geven worden drie termen gebruikt:
Risico en premie
Stel in het eerder genoemde voorbeeld dat de koers van ING stijgt van € 34,00 naar € 40,00 medio december. Aandelenbezitters hebben dan een op zich prima rendement behaald van 18%, maar als optiebezitter bent u veel meer in uw nopjes. Uw optiepremie zal gestegen zijn van € 1,50 tot € 4,00 (€ 40,00 min de uitoefenprijs van € 36,00 en gezien de bijna verlopen looptijd zal men niet bereid zijn een premie bovenop dit verschil te betalen), oftewel een rendement van 167%! Is de koers gestegen naar € 42,00 in plaats van € 40,00, dan is het rendementsverschil nog veel indrukwekkender: namelijk 300% voor de optiebezitter tegenover 24% voor de aandelenbezitter! Dit effect van snel oplopende rendementen bij opties heet het hefboomeffect: met een kleine investering kunnen hoge rendementen worden gehaald.
Maar tegenover deze kans op hele hoge rendementen staat een risico. Namelijk dat u uw aanschaf geheel in rook ziet opgaan. Dit is het geval als de koers van ING medio december niet boven de € 36,00 noteert. En pas boven de € 37,50 gaat u pas winst maken. Dus stel dat medio december de koers van ING € 36,00 bedraagt dan heeft u als aandelenbezitter een rendement gehaald van 6%, terwijl u als optiebezitter met een rendement van -100% een slechte tijd heeft.
Bedenk dus goed waar u aan begint als u overweegt in opties te gaan handelen.
In het voorbeeld wordt duidelijk dat het rendement grotendeels afhangt van de koersbeweging van het onderliggende aandeel. Deze zal voor een groot deel bepalend zijn voor de prijs van de optie, oftewel de premie. Maar er zijn ook andere factoren die deze prijs beïnvloeden. Hieronder volgt een overzicht:
Optiestrategieën
Met opties kunt u ook het risico op verlies beperken. Een simpele strategie is bijvoorbeeld het bezit in bepaalde aandelen af te dekken met putopties, zodat uw schade bij een dalende koers beperkt blijft. Immers, het koersverlies wat u leidt, wordt gedeeltelijk gecompenseerd door de stijging van de premie van de putoptie. Bij verder stijgende koersen werkt een dergelijke 'verzekering' juist remmend op het rendement.
Stel u bezit 100 aandelen ING met een waarde van € 34,00 per aandeel. U gaat op basis van de fundamentele analyse uit van een koersstijging op middellange en lange termijn. Toch vreest u voor de ontwikkelingen van de komende maanden. U besluit een putoptie te kopen om uw aandelen te beschermen tegen een mogelijke koersdaling.
Met een putoptie koopt u het recht om aandelen te verkopen tegen een vooraf afgesproken prijs. U koopt de volgende serie 'ING P Jun 07 34.00. Voor deze serie betaalt u een premie van € 1,50, oftewel € 150 voor het pakket van 100 aandelen. U dekt zich hiermee voor € 150 in tegen een koersdaling, want u heeft in juni het recht om 100 aandelen ING in te kopen voor € 34,00.
Mocht Unilever fors dalen, dan geeft dat niets. U heeft met uw optie de garantie dat u de aandelen kunt verkopen tegen EUR 70 per stuk. Putopties voorkomen op deze manier slapeloze nachten, terwijl u wél blijft meeprofiteren van een eventuele koersstijging.
Is het nu verstandig om deze strategie toe te passen? Mijn mening is van niet, aangezien u op deze manier hinkt op twee gedachten en de risico's afwentelt. Als u van mening bent dat het fonds er fundamenteel goed bij ligt, leg daar dan de focus op. Dek vervolgens het risico af door spreiding in de portefeuiile aan te brengen. Opties als 'verzekering' worden vrijwel altijd te duur betaald.
Voor ingewikkeldere optiestrategieën, zoals driepoten, verwijs ik u graag door naar andere sites, die gedetailleerd ingaan op het gebruik van bijvoorbeeld straddles, strangles, spreads, butterfly, enzovoorts.