Methode voor het berekenen van de Wpa- en Opa-groei

Het gemiddelde Wpa- en Opa-groeipercentage wordt bepaald op basis van twee methodes. In het vervolg van dit artikel worden voorbeelden gegeven met betrekking tot de Wpa-groei. Voor de Opa-groei wordt de zelfde werkwijze gevolgd. De methodes zijn als volgt:

       

  1. De gemiddelde groei wordt bepaald over de reeks historische Wpa- of Opa-waarden en - in het geval van de Wpa-waarden - de winstverwachtingen van analisten over de eerstkomende jaren. Bijvoorbeeld:
    De Wpa in 2003 van aandeel X is 1,00. De door analisten verwachte Wpa in 2008 van het aandeel is 2,00. De gemiddelde winstgroei per jaar volgens deze methode is dan 14,87%. Reken maar na: 1,00 * 1,1487 * 1,1487 * 1,1487 * 1,1487 * 1,1487 = 2,00.

            Het nadeel van deze methode is dat een uit de toon vallende begin of eindwaarde een vertekend beeld van de groei geeft. In het bovenstaande voorbeeld: als in 2004 de Wpa 1,80 is en vervolgens geleidelijk oploopt tot 2,00 in 2008, is het aannemelijk dat de ‘normale’ Wpa-groei van het aandeel aanzienlijk lager is dan 14,87% jaar. Immers, in het eerste jaar was de groei (toevallig) heel hoog. In de daaropvolgende jaren volgt een veel lagere groei.

  2.        

  3. De gemiddelde groei wordt bepaald door het gemiddelde te nemen van de groeipercentages over respectievelijk 2 en 4 jaar. Bijvoorbeeld:
    De Wpa-waarden van aandeel X van de jaren 2003 tot en met 2008 zijn als volgt:

           

    200320042005200620072008
    1,001,301,501,401,802,00

            De gemiddelde jaarlijkse groeipercentages voor de tweejaarsperioden zijn:
    22,5%; 3,8%; 9,5% en 19,5%. Reken maar na: 1,00 * 1,225 * 1,225 = 1,50. De gemiddelde groei is dan het gemiddelde van 22,5%, 3,8%, 9,5% en 19,5%, oftewel 13,8%.
    De gemiddelde jaarlijkse groeipercentages voor de vierjaarsperioden zijn:
    15,8% en 11,4%. Reken maar na: 1,00 * 1,158 * 1,158 * 1,158 * 1,158 = 1,80. De gemiddelde groei is dan het gemiddelde van 15,8% en 11,4%, oftewel 13,6%.
    De gemiddelde winstgroei per jaar volgens deze methode is het gemiddelde van de twee- en vierjaarsperiode, dus 13,7%.

            Het nadeel van deze methodes is dat grote schommelingen in de Wpa-waarden leidt tot uitschieters van de groeipercentages en dus tot onbetrouwbare gemiddelden. Om deze reden zijn groei- en krimppercentages van groter dan 60% uit de berekening gefilterd.

        Op basis van bovenstaande Wpa-groeipercentages wordt het definitieve groeipercentage voor aandeel X bepaald. Dit wordt gedaan aan de hand van rekenregels, die op hoofdlijnen hieronder worden toegelicht.
Als de twee groeipercentages (in bovenstaand geval: 14,87% en 13,7%) van de twee methoden vrijwel gelijk zijn, wil dit zeggen dat een gelijkmatige groei van de Wpa plaatsvindt. Het definitieve groeipercentage wordt dan het gemiddelde van de twee groeipercentage. In bovenstaande voorbeeld is dit het geval en wordt dus het Wpa-groeipercentage wat u in het model voor dit aandeel tegen zult komen: 14,3%.
Als de beginwaarde (of eindwaarde) van aandeel X veel lager (of hoger) ligt dan de overige waarden (bijvoorbeeld de volgende Wpa-reeks: 1,00; 1,80; 1,85; 1,90; 1,95; 2,00), dan lopen de groeipercentages waarschijnlijk sterk uiteen. In het geval van een beginwaarde die veel lager ligt dan de overige Wpa-waarden, geeft methode 1 geen reëel beeld en wordt het definitieve groeipercentage het groeipercentage van methode 2.